Brief uit Bethlehem
Toine van Teeffelen
4 april 2002Toine van Teeffelen woont al verscheidene jaren in Bethlehem en is getrouwd met de Palestijnse Mary. Samen met hun vierjarige dochtertje Jara en pasgeboren zoontje Tamer bivakkeren Toine en Mary sinds het begin van de bezetting van Bethlehem bij Mary's ouders. Toine is coördinator in Bethlehem van het civiele waarnemersproject United Civilians for Peace
Het is vroeg in de morgen, de derde dag van de bezetting. Moet ik de familie "goedemorgen" wensen? Ik loopt vijftien meter om door een hek heen te loeren. De tank op de heuvel bij de universiteit is er nog steeds. Op het dank van het huis van een dokter, vlakbij, hebben Israëlische scherpschutters posities ingenomen. Ik ga vlug terug. Jara, mijn dochtertje van vier, heeft me gisteren al gewaarschuwd dat een tank op me zou schieten als ik de vuilniszakken naar de straat zou brengen. We zitten effectief opgesloten. Hoewel er geen uitgaansverbod is gaat niemand het huis uit. We zitten in een gesloten militaire zône. Af en toe rijden één of meer tanks voorbij met een intimiderende herrie, sommige met een Israëlische vlag in top. Alsof er misverstand mogelijk zou zijn. Een keer maar hebben we het geluid van een ambulance gehoord die bij uitzondering erdoor mocht.
We zitten met zes mensen in het huis van mijn schoonfamilie. Mijn Palestijnse vrouw Mary, ons dochtertje van vier Jara, de pasgeboren baby Tamer, Mary's zus Jeanet en hun moeder. We hebben erg veel geluk gehad dat Tamer (zijn naam betekend "behoeder van dadels" of symbolisch "behoeder van leven") een paar dagen voor het begin van de bezetting geboren werd. Op dit moment is geen enkel huis in Bethlehem voor medische hulp bereikbaar. Mary is op tijd naar huis gekomen uit het ziekenhuis. Met nog meer pijn dan normaal lezen we over de baby die stierf tijdens de bevalling op de eerste dag van de bezetting omdat de moeder geen toestemming kreeg om naar een ziekenhuis te gaan.
We hebben besloten om naar mijn schoonfamilie te gaan om elkaar beter te kunnen steunen en ook omdat ons eigen huis, een paar honderd meter verderop, tegenover het 'Azza vluchtelingenkamp ligt en doorzocht zou kunnen worden op de aanwezigheid van gewapende mannen. Niet dat er geen kans is dat de soldaten het huis waar we nu zijn niet zouden doorzoeken. Op de universiteit, hier vlakbij, werden de slaapkamers van de Broeders doorzocht en het cafetaria bezet. Ook het gebouw van de Freres School, waar ik betrokken ben bij een onderwijsproject over het samenleven van moslims en christenen, is binnengevallen en bezet; we weten niet voor hoe lang. Vlakbij het educatief instituut waarvan ik adviseur ben zijn de winkeltjes en huizen, pasgeleden nog donkergroen geverfd bij gelegenheid van de festiviteiten van Bethlehem 2000, ernstig beschadigd door de soldaten. De tanks reden verschillende auto's plat in de straat, die er nu als oorlogsgebied uitziet.
Op de eerste dag van de bezetting, dinsdag, hadden we geen stroom. 's Avonds staken we kaarsen aan en gingen vroeg naar bed. In het donker vertel ik Jara kinderverhaaltjes over het oerwoud en gevaarlijke beesten. Ik sta er verbaasd over hoe goed ze zich houdt in de situatie. Ze maakt tekeningen die er uitzien alsof ze uit een droomwereld komen: mooie vredige huizen met vogels en dansende kinderen. Ze weet min of meer wat er aan de hand is en heeft haar bijnamen voor Sharon, maar ze voelt nog niet hoe vreemd de situatie is waarin we leven. "We hebben heel veel tanks hier, hebben jullie die daar ook?" vraagt ze vrolijk aan Mary's zus die vanuit Parijs belt. Als is zachtjes lieve liedjes zing voor Tamer, de mooiste baby ter wereld, verbreekt Jara de betovering, wijst op het raam en vraagt: "is dat het geluid van een tank?"
***
Op het moment houden we het nog uit met de voorraden. Anders dan in andere delen van Bethlehem hebben we stroom en ook telefoon, water en genoeg eten - minstens voor een week. Andere delen van Bethlehem zitten zonder telefoon en/of stroom; in de vluchtelingenkampen van 'Azza, Aida en Dheisa is geen water en stroom meer. In Ramallah is de watertoevoer voor meer dan 100.000 mensen afgesneden, horen we via het Internet. Kunnen we dat hier ook verwachten? Niemand weet het. In ieder geval hebben we genoeg mineraalwater voor de baby gekocht. Er is ook genoeg papier voor Jara's tekeningen. Ik laat mijn baard staan omdat ik geen scheerspullen heb maar dat is geen probleem. Hoe lang zal hij worden?
Suzy, een collega die vlakbij het gebied van de Geboortekerk woont, zegt dat zij en haar familie zonder stroom zitten, maar zelfs als er wel stroom is kan ze niet haar eigen kamer binnen omdat het niet veilig is. Zij en haar familie zitten in de badkamer en de keuken en luisteren door het raam naar het geschreeuw van soldaten in de straten vlakbij. Als de soldaten vlakbij komen kan dat betekenen dat hun huis doorzocht gaat worden. Dan moeten ze heel snel naar de deur, want als die gesloten blijft kunnen de soldaten hem zomaar opblazen.
Verschillende van Mary's familie zijn bij de gemeente Bethlehem betrokken. Het stadhuis is overgenomen door de Israeli's en het personeel wordt in één kamer vastgehouden. Een neef heeft de leiding van pogingen tot hulp in de Geboortekerk waar nog steeds meer dan 100 mensen opgesloten zitten (het is onduidelijk of die gewapend zijn, de kerkelijke autoriteiten ontkennen het) die dringend eten nodig hebben. Verschillende gewonden in de kerk kunnen niet behandeld worden. Je kunt gerust aannemen dat er veel mensen in Bethlehem verstoken zijn van behoorlijke medische zorg. Twee ambulances werden overreden in de Wadi Ma'ale vlakbij de Geboortekerk. De Orthodoxe kliniek in Beit Sahour, een belangrijk plaatselijk medisch centrum, werd vandaag binnengevallen. Een gewonde patient werd gearresteerd en meegenomen, terwijl volgens de plaatselijke TV medische instrumenten vernield of beschadigd werden. Een bijzonder vreselijke omstandigheid is dat mensen hun doden niet mogen begraven. We weten het exacte nummer dodelijke slachtoffers niet van de laatste twee dagen maar het moeten er om en nabij de tien zijn geweest, of meer.
Eén plan dat ik in mijn hoofd heb is om onderwijzers hier die thuis e-mail hebben te vragen om dagboeken te schrijven, die te verzamelen en naar het buitenland te sturen. Dergelijke initiatieven zijn ook al ondernomen in Ramallah. Terwijl we opgesloten zitten kunnen we tenminste proberen om een of ander soort gezamenlijke stem te hebben naar een onvergeeflijk verlamde wereld.
(Wordt vervolgd)
_____
Vredessite | Palestina alert 2002