Vredesduif met olijftak in snavel.

Gevaarlijke begripsverwarring

16-11-2023 In een open brief schrijven Joodse schrijvers dat niet elke kritiek op IsraŽl antisemitisme is. IsraŽl gebruikt deze retoriek om zich niet te hoeven verantwoorden voor de bezetting van Palestijnse gebieden. Om de bombardementen van IsraŽl op Gaza te rechtvaardigen. En om de kritiek vanuit de internationale gemeenschap het zwijgen op te leggen.

 

Een gevaarlijke begripsverwarring
Open brief van Leah Abrams, Nan Golding, Naomi Klein, Judith Butler en anderen

Wij zijn Joodse schrijvers, artiesten en activisten die wensen in te gaan tegen het wijdverbreide narratief dat elke kritiek op IsraŽl intrinsiek antisemitisch is. IsraŽl en zijn bondgenoten hebben zich lang van deze retorische tactiek bediend om het land te vrijwaren van verantwoordingsplicht, om de investering van vele miljoenen Amerikaanse dollars in het IsraŽlische leger te legitimeren, om de dodelijke realiteit van de bezetting uit de schijnwerpers te houden en om geen soevereiniteit aan de Palestijnen te moeten verlenen. Vandaag wordt deze doortrapte beknotting van de vrijheid van meningsuiting gebruikt om het militaire bombardement van IsraŽl op Gaza te rechtvaardigen en de kritiek vanuit de internationale gemeenschap het zwijgen op te leggen.

We veroordelen de recente aanvallen op IsraŽlische en Palestijnse burgers en rouwen om dit huiveringwekkend verlies aan mensenlevens. Maar al zijn we bevangen door verdriet, tegelijk zijn we ontzet als we zien hoe de strijd tegen antisemitisme wordt geÔnstrumentaliseerd als dekmantel voor oorlogsmisdaden met uitgesproken genocidale bedoelingen.

Antisemitisme is een uiterst pijnlijk onderdeel van het verleden en heden van onze gemeenschap. Onze families zijn ontsnapt aan oorlogen, pesterijen, pogroms en concentratiekampen. Wij hebben de lange voorgeschiedenis van vervolging en geweld tegen Joden bestudeerd en voelen ons nauw betrokken bij het hedendaagse antisemitisme dat de veiligheid van Joden over de hele wereld bedreigt. Zopas nog in oktober hebben we de vijfde verjaardag herdacht van de ergste antisemitische aanval ooit in de Verenigde Staten: de elf gelovigen die in de synagoge Tree of Life - Or L'Simcha in Pittsburgh werden vermoord door een gewapende man die in de ban was van samenzweringstheorieŽn die Joden de schuld gaven voor de komst van Centraal-Amerikaanse migranten. Met zijn daad ontmenselijkte hij beide groepen. We verwerpen antisemitisme in al zijn gedaantes, ook als het de vorm aanneemt van kritiek op het zionisme of de beleidsdaden van de IsraŽlische staat. We zijn het eens met de stelling die de journalist Peter Beinart in 2019 neerschreef: "Antizionisme is niet intrinsiek antisemitisch en wie zegt dat dat wťl zo is, gebruikt het lijden van de Joden om de Palestijnse aanwezigheid uit te wissen."

Voor ons gaat deze retorische tactiek in tegen de Joodse waarden die ons leren de wereld beter te maken, autoriteit in vraag te stellen en de verdrukten in bescherming te nemen tegen de verdrukkers. Juist vanwege de pijnlijke geschiedenis van het antisemitisme en de lessen die Joodse teksten ons bijbrengen, zijn we pleitbezorgers voor de waardigheid en soevereiniteit van het Palestijnse volk. De valse keuze tussen Joodse veiligheid en Palestijnse vrijheid, tussen Joodse identiteit en beŽindiging van de onderdrukking van de Palestijnen, die is niet aan ons besteed. Sterker nog, wij geloven dat de rechten van Joden en Palestijnen hand in hand gaan. De veiligheid van het ene volk hangt af van die van het andere. We zijn zeker niet de eersten om dit te zeggen, en we bewonderen diegenen die deze zienswijze ingang hebben doen vinden in de nasleep van zoveel geweld.

We begrijpen waar de begripsverwarring - kritiek op IsraŽl en het zionisme staat gelijk aan antisemitisme - vandaan komt. Jarenlang hebben tientallen landen zich achter de werkdefinitie van antisemitisme van de International Holocaust Remembrance Alliance geschaard. Het merendeel van de elf voorbeelden van antisemitisme die daarin zijn vervat, heeft betrekking op uitlatingen over de IsraŽlische staat. Sommige zijn in die mate vatbaar voor interpretatie dat ze het domein van aanvaardbare kritiek verengen. Verder duidt de Anti-Defamation League antizionisme als antisemitisme, hoewel velen van hun eigen experten daarover hun bedenkingen hebben. Deze definities hebben het pad geŽffend voor de steeds hechtere band tussen de IsraŽlische regering en uiterst rechtse, antisemitische politieke krachten, van Hongarije over Polen tot de Verenigde Staten en verder, waar ze de Joodse diaspora in gevaar brengen. Om weerwerk te bieden aan die hoogdravende definities publiceerde een groep onderzoekers op het gebied van antisemitisme in 2020 de Jerusalem Declaration. Deze verklaring reikte accuratere richtlijnen aan om antisemitisme te determineren en het te onderscheiden van kritiek en debat met betrekking tot IsraŽl en het zionisme.

Door iedereen die ook maar het minste bezwaar maakte tegen zijn beleid te beschuldigen van antisemitisme is IsraŽl er lang in geslaagd een staatsbestel in stand te houden dat mensenrechtengroepen, onderzoekers, juridische analisten en zowel Palestijnse als IsraŽlische organisaties apartheid hebben genoemd. Tot op vandaag zijn die beschuldigingen verantwoordelijk voor een mate van kilte in onze politieke besluitvorming. Die afstandelijkheid resulteerde in politieke onderdrukking in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, waar de IsraŽlische regering het louter bestaan van Palestijnse mensen verwart met wereldwijde Jodenhaat. In haar propaganda, die intern op de eigen burgers en extern op het Westen is gericht, houdt de IsraŽlische regering staande dat de Palestijnse kwestie niet over land, mobiliteit, rechten of vrijheid gaat maar over antisemitisme. De voorbije weken bleven IsraŽlische leiders zich van de geschiedenis van het Joodse trauma bedienen om Palestijnen te ontmenselijken. Tussen de bedrijven door worden IsraŽliŽrs gearresteerd of ontslagen omwille van berichten op de sociale media waarin ze opkomen voor Gaza. IsraŽlische journalisten zijn beducht voor de gevolgen als ze hun regering bekritiseren.

Door elke kritiek op IsraŽl als antisemitisme te typeren, ontstaat er in de geesten van mensen verwarring tussen IsraŽl enerzijds en alle Joden anderzijds. De voorbije twee weken zagen we hoe zowel de Democraten als de Republikeinen zich als hoeders van de Joodse identiteit vertoonden door hun steun aan IsraŽl te betuigen. Een vage brief, ondertekend door tientallen publieke figuren en gepubliceerd op 23 oktober, schaarde zich gedwee achter het standpunt van president Biden die als voorvechter van het Joodse volk IsraŽl zijn steun toezegde. Toen het cultuurcentrum 92NY een evenement rond auteur Viet Thanh Nguyen schrapte omdat die onlangs een brief had ondertekend die opriep om een einde te maken aan de IsraŽlische aanvallen op Gaza, begon het zijn verklaring door zichzelf als 'een Joods instituut' te afficheren. Zoals ook anderen al hebben aangegeven, wordt elke benaderingswijze die de aanvallen van 7 oktober historisch wil kaderen, gezien als een verloochening van het Joodse lijden, eerder dan als een noodzakelijke oefening om zo'n uitzinnige uitbarsting van geweld te begrijpen en in de toekomst uit te sluiten.

De idee dat alle kritiek op IsraŽl antisemitisch is, voedt de perceptie dat Palestijnen, Arabieren en moslims hoe dan ook verdacht zijn, dat ze agenten van het antisemitisme zijn tot ze dat expliciet weerleggen. Sinds 7 oktober kregen Palestijnse journalisten te maken met een ongekende mate van onderdrukking. Een Palestijnse inwoner van IsraŽl die in een IsraŽlisch ziekenhuis werkte, werd ontslagen vanwege een bericht op Facebook uit 2022 waarin de eerste pijler van de islam werd aangehaald. Europese leiders hebben pro-Palestijnse manifestaties verboden en het zwaaien met de Palestijnse vlag gecriminaliseerd. In Londen werden onlangs in een hospitaal tekeningen van kinderen uit Gaza van de muur gehaald nadat een pro-IsraŽlische groep had geclaimd dat Joodse patiŽnten er zich "kwetsbaar, gepest en geslachtofferd" door voelden. Op een of andere manier gingen zelfs tekeningen van Palestijnse kinderen gepaard met hallucinaties over geweld.

Amerikaanse leiders hebben dankbaar van de gelegenheid gebruik gemaakt om Joodse veiligheid te blijven verwarren met onvoorwaardelijke en onwankelbare militaire steun voor IsraŽl, zonder enige intentie om vrede te sluiten. Op 13 oktober liet het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken een interne nota rondgaan die er bij de functionarissen op aandrong vooral niet de termen "de-escalatie/staakt-het-vuren", "einde van het geweld/bloedvergieten" of "de rust herstellen" te gebruiken. Op 25 oktober trok Biden het aantal Palestijnse doden in twijfel en noemde hij het verlies aan mensenlevens de "prijs" voor de IsraŽlische oorlog. Een dergelijke wrede logica zal nieuwe brandstof geven aan zowel antisemitisme als islamofobie. Het Department of Homeland Security bereidt zich voor op een toename van het aantal haatmisdaden tegen zowel Joden als Moslims. Die tendens is nu al merkbaar.

Voor elk van ons is de Joodse identiteit geen wapen om mee te zwaaien in een gevecht om staatsmacht maar een bron van wijsheid die zegt dat je rechtvaardigheid, niets dan rechtvaardigheid zal nastreven. Tzedek, tzedek, tirdof. We protesteren tegen de uitbuiting van onze pijn en het monddood maken van onze medestanders.

We roepen op tot een staakt-het-vuren in Gaza, een oplossing voor de veilige terugkeer van de gijzelaars in Gaza en de Palestijnse gevangenen in IsraŽl en een einde van de bezetting door IsraŽl. Ook roepen we regeringen en het maatschappelijke middenveld in de VS en het Westen op om verzet aan te tekenen tegen de onderdrukking van de steun voor Palestina.

En we weigeren te gedogen dat zulke dringende en noodzakelijke eisen in onze naam worden onderdrukt. Als wij nooit meer zeggen, dan menen we dat ook.

Bron: dewereldmorgen.be